Blond goes Koerdistan (Iris Hannema)

Metro-journalist Iris Hannema (24) reisde een half jaar in haar eentje door het Midden-Oosten, zo ook door Noord- en Zuid-Koerdistan. Zij schreef hierover in de krant Metro de serie `Blond goes Midden-Oosten`. Naar aanleiding van deze reis schrijft zij voor de Azady-lezers over hoe het is om als jonge vrouw alleen door Koerdistan te reizen.

Iris Hannema heeft tevens een eigen onderneming in film-, foto- en tekstproducties. Zij is werkzaam geweest voor vele bekende Nederlandse tijdschriften en kranten. Klik hier voor de website van Iris Hannema.


Reizen voorbij Diyarbakir wordt door het ultieme reizigersboek, de Lonely Planet, alleen aangeraden aan de meest avontuurlijke backpackers. Geen toeristisch gebied dus, precies wat ik zoek. Verstopt op een van de laatste pagina`s staat een mini-kadertje met iemands persoonlijke ervaring van een trip door het noorden van Irak. Een spectaculair verhaaltje, althans, ik vind het fan-tas-tisch en weet het nu zeker: ook ík ga Irak binnen komen. Ondanks heftig protest van het thuisfront zit ik enige tijd later met mijn backpack in de bus richting oostelijk Turkije. Ik krijg al gauw op mijn hart gedrukt: het gebied waar ik naar toe ga `Irak` noemen is als vloeken in de kerk. `Northern-Iraq? Nee, dat is Koerdistan`. Wat weet ik eigenlijk van de Koerden? Kwamen Koerden niet alleen in het nieuws als er gevochten wordt met het Turkse leger? Ik heb wel eens wat over de vrijheidsstrijd van de PKK gelezen. Enge gemaskerde mannen, toch? Yep, ik weet er verdomd weinig van. Zelfs niet dat er in grote gedeelten van zuid-oost Turkije helemaal geen Turks wordt gesproken, maar het Koerdisch, een compleet andere taal.

Voor ik dat in de gaten heb, ben ik vele reisdagen verder. Ik maak fout op fout. De paar woordjes Turks die ik mijzelf ooit in Istanbul heb eigen gemaakt, probeer ik met grote inspanning zorgvuldig uit te spreken met gevolg dat ik meerdere malen Koerdische mensen in het Turks bedank en afscheid neem. Maar zelfs ver voorbij Mardin wordt mij dat door niemand kwalijk genomen. In de bus ben ik verbijsterd, als vrouwen mij liefdevol hun man aanprijzen en ruimhartig aanbieden of ik niet met hem wil trouwen. `He`s very good man`. Als dat geen liefde is!

Later spreek ik in het noorden van Irak (sorry, Koerdistan) ergens in een theehuis een prachtige jongen, Mohammed over polygamie. Hij is op zijn 18e getrouwd met een door zijn vader uitgekozen vrouw en vertrouwt mij toe: `Als ik geld genoeg heb, wil ik graag een tweede vrouw, iemand die ik zelf uitkies en die wel haar naam kan schrijven`. Hoe geëmancipeerd ik dan ook ben, ik kan me er wel iets bij voorstellen. Hoe dieper ik Koerdisch Turkije in reis, hoe vaker mijn bus stopt zowel voor kudden met koeien als voor militaire checkpoints, maar ook hoe mooier het landschap wordt en des te vriendelijker de locale bevolking mij tegemoet treedt. Waar ik ook kom, ik word met open armen ontvangen door enthousiaste families die mij uitnodigden om thee te komen drinken of bij hun thuis te eten, heerlijk te eten. Het schitterende gebied heeft nog veel dorpjes waar de tijd heeft stilgestaan.

In de Metro beschrijf ik mijn enthousiasme over het oosten van Turkije als volgt (de krant kreeg daar trouwens veel blije reacties op): `Onbekend maakt onbemind, maar na een paar dagen reizen ben ik verliefd. De azuurblauwe meren verstopt tussen roodachtige rotsen, uitgestrekte gebieden waar de natuur de overhand heeft, dorpjes met een geschiedenis die teruggaat tot in de tijden van de Bijbel, oude verweerde Turkse mannen die op marktpleintjes backgammon spelen en vriendelijk zwaaien als de bus langs dendert. Een Turkije zoals ik altijd hoopte dat het zou zijn.` Nog steeds vind ik deze onbekende kant van Turkije het allermooist wat het Midden-Oosten qua natuurschoon te bieden heeft. Sommige wetenschappers beweren dat hier ergens de Hof van Eden moet zijn geweest. Ik ben geen wetenschapper, maar ik kan me het zomaar voorstellen.

Na vier dagen ben ik geïntegreerd. In restaurants en theehuizen drink ik een glaasje thee voor een bijna niets en zit ik ’s morgens aan een Turks ontbijtje met tomaten, komkommer, olijven, geitenkaas, yoghurt en stukken vers gebakken brood. De mannen op straat zijn behoorlijk vrijpostig. Ik zeg één woord tegen ze en ze willen me meteen meenemen naar huis, wegwijs maken in de stad, fêteren. Ik weiger altijd, zelfs een kop koffie, maar dat wordt me niet altijd in dank afgenomen: `You hurt my feelings`. Het is even manoeuvreren.

In Şirnak krijg ik van een lerares Engels in een ‘aile salonu’ (theehuis waar vrouwen welkom zijn) ongevraagd advies hoe de mannen mij als alleen- reizende vrouw zien en hoe ik ze het best op een afstand kan houden zonder ze te beledigen. Zonnebril ophouden, zien ze je ogen niet, fluistert ze mij toe. In drukke bazaars grijpen vele handen om zich heen en word ik in mijn billen geknepen, maar bij de eerste de beste dreiging van mijn terugmeppen, ben ik ook daar van af. Toch ga ik de cultuur steeds beter snappen. Zou een van mijn vrienden weten dat de Koerden als volk strijden voor een eigen land? En dat zij daar ook verdomd dichtbij zijn? Eindelijk begrijp ik ook dat Koerdistan (het gebied noord-Irak dus), waar ik de volgende ochtend per taxi naar toe ga, het beloofde land voor de Koerden is. Eerlijk gezegd heb ik bij het oversteken van de grens naar Irak niet zozeer het gevoel dat ik een promised land intrek. Ik vraag mij tussen al die dreigende militairen af of ik niet dichter naar de dood toe wandel.

In de hoofdstad Arbil slaap ik vanaf dag één bij twee Koerdische jongens thuis. De een is een Iranese Koerd, zakenman in medische producten en de ander een Turkse Koerd, journalist van boeken over Hebollah. Het logeersysteem heet couch surfing. Mijn gastheren laten mij het hele noorden zien. Vinden ze leuk, er komen nauwelijks toeristen in Iraaks- Koerdistan. En dat is vreselijk jammer. Voor de avontuurlijke reizigers valt er ongelofelijk veel te genieten. Ook de Lonely Planet rept over Erbil met geen woord over het mooie meer, het rustgevende ex-Saddampark met bloeiende rozenstruiken en palmbomen, het hilarische museum en het oude fort. Het wordt hoog tijd dat er een goed reisboek wordt geschreven over dit prachtige onontdekte land. Helaas blijf ik maar een paar dagen, want bij het grensgebied breken er gevechten uit. Het is echt te hopen dat het slepende Conflict snel tot een oplossing komt. Het ongerepte landschap en de uitermate vriendelijke bevolking verdienen het dat veel meer westerse toeristische avonturiers van dit sprookjesachtige landschap kunnen genieten.

Tekst en foto`s: Iris Hannema

Lees meer van
Be Sociable, Share!

Korte URL: http://azady.nl/?p=669

Geplaatst door op 16 May 2009. Gearchiveerd onder In Koerdistan. Je kan reageren of trackbacken RSS 2.0. You can leave a response or trackback to this entry

1 reactie voor “Blond goes Koerdistan (Iris Hannema)”

  1. PlanetRose

    Aaah, ik mis Kurdistan

You must be logged in to post a comment Log in

Advertentie

Inloggen | Designed by Gabfire themes