De Koerden in beweging (M. van Bruinessen)


Tegenwoordig verschilt de Koerdische kwestie erg veel vergeleken met vijfentwintig jaar geleden. De manier waarop de Koerden zich bewegen laat duidelijke verschillen zien ten opzichte van de jaren ’70. Niet alleen de beweging maar ook de Koerdische samenleving is veranderd. Voornamelijk in Noord- en Zuid-Koerdistan is de Koerdische samenleving zodanig verwoest door diverse oorlogen en dergelijke, dat deze diepe sporen heeft achtergelaten.

Miljoenen Koerden hebben zich over diverse landen verspreidt. Zij hebben zich niet alleen naar andere delen van Iran, Irak, Syrië en Turkije verplaatst, maar ook naar West-Europa, Noord-Amerika, Australië en andere delen van de wereld. Zo hadden veel Koerden zich als arbeidsmigranten, begin twintigste eeuw, gevestigd in Istanboel, Ankara, Teheran, Bagdad en andere grote steden in de regio.
In de jaren ’80 en ’90 veranderde de oorzaak van het migratieproces. De Koerden verspreiden zich niet langer vrijwillig, maar waren noodgedwongen om zich elders te vestigen door aanhoudende militaire acties en oorlogen. Duizenden dorpen werden verwoest samen met de traditionele middelen die het dagelijkse leven van de bewoners leefbaar kon houden.

De Koerdische kwestie is rond de jaren ’80 ontstaan door drie grote en ingrijpende politieke gebeurtenissen in de regio. Hierdoor veranderde de Koerdische samenleving in de Koerdische kwestie zoals we die nu kennen. Geen van deze gebeurtenissen kan direct gerelateerd worden met het einde van de Koude Oorlog. Toch werd de oorzaak van al deze gebeurtenissen niet meer in stand gehouden door de polarisatie die als typerend kan worden beschouwd voor de Koude Oorlog. Het gaat om de volgende gebeurtenissen:
– De Iraanse revolutie dat in februari 1979 plaatsvond.
– De militaire staatsgreep in Turkije. Dit gebeurde op 12 september 1980
– De Irak-Iran oorlog dat in september 1980 uitbrak en uiteindelijk acht jaar geduurd heeft.

De eerste grote post-Koude Oorlog conflict is de Golfoorlog en die leek in de eerste instantie niets te maken te hebben met de Koerdische kwestie. Toch leidde dit tot het besef dat de Iraakse troepen zodanig verzwakt waren dat deze wel eens verslagen konden worden. Als gevolg van een massale en zeer gewelddadig offensief van de Iraakse elitetroepen vluchtten meer dan een miljoen Koerden uit Zuid-Koerdistan naar de Turkse en Iraanse grenzen. Hierdoor kwamen de Koerden uit Zuid-Koerdistan op de internationale agenda te staan. Dit had echter ook een grote impact op de Koerdische kwestie in Turkije. De verwoesting van de Koerdische economie en de massale migratie van de Koerden heeft geleid tot de internationalisatie en deterritorialisatie van de Koerdische kwestie. Tegenwoordig is er sprake van een grote Koerdische diaspora in West-Turkije, Europa, het Midden-Oosten, Noord-Amerika en Australië.

De verwoesting van het traditionele Koerdische dorpsleven

Het proces van de verwoesting van het Koerdische plattelandsleven begon voor de jaren ’80, maar werd gedurende en na de beëindiging van de Irak-Iran oorlog versterkt. In 1970 had het Iraakse regime een akkoord bereikt met de Koerdische beweging in Zuid-Koerdistan. Dit leidde tot een zekere autonomie voor deze regio, waar het merendeel van de bevolking van Koerdische afkomst is. Echter, om de controle over de strategische gebieden niet te verliezen, begon Irak met de ‘arabisering’ van de olierijke gebieden zoals Kerkuk, Khaneqin en Sinjar. De Koerdische bewoners werden verbannen en vervangen door Arabische bewoners. Dit was een van de redenen waarom de Koerden ervoor kozen om in oorlog te gaan met het Iraakse regime. Hierdoor waren vijftigduizend Koerden uit Zuid-Koerdistan gedwongen om te vluchten naar Iran.

Het Iraakse regime begon met het handhaven van een nieuw beleid om de opkomst van de Koerdische guerrillabeweging (de peshmerga’s) tegen te gaan. Om de Koerden af te sluiten van Noord- en Oost-Koerdistan en de infiltratie van de guerrillastrijders en hun gebruikte middelen tegen te werken, werden de grensgebieden aangekaart als verboden territorium. Alle dorpen in deze zone werden verwoest, waarbij de bewoners vervoerd werden naar andere delen van het land. Deze bewoners werden op geen enkele manier gecompenseerd in hun levensbehoeften. De Koerdische partijen opereerden in de jaren ’70 in deze verboden gebieden. Tot de Irak-Iran oorlog waren hun operaties erg beperkt. Nadat zij merkten dat de kracht van de Iraakse militairen aan het afnemen was tijdens de oorlog, werd er besloten om mensen terug te sturen naar de verboden gebieden om zo de controle over te nemen in deze gebieden en de dorpen die nog niet verwoest waren.

In 1987 en 1988 begon het Iraakse regime met de Anfal-campagne in de gebieden die in handen waren van de Koerdische guerrillabeweging. Dit was een zeer agressieve campagne waarbij de bewoners van de Koerdische dorpen in militairentrucks vervoerd werden naar afgelegen plekken waarbij de mannen, vrouwen en kinderen werden geselecteerd en gescheiden. Velen van hen zijn nooit meer teruggevonden omdat zij (waarschijnlijk) in massagraven de dood hebben gevonden. Gedurende de periode 1970-1990 zijn naar schatting ruim 4000 Koerdische dorpen verwoest door bulldozers. Niet alleen de economie, maar ook de Koerdische cultuur, de leefwijze en de samenleving werden op brute wijze verwoest.

Turkije is in 1984 begonnen met een intensieve oorlog tegen de Arbeiderspartij van Koerdistan (PKK). Hierbij veroverden zij steeds meer sympathie van de (rurale) bevolking in het land. Om de steun vanuit de Koerdische dorpen naar de PKK te onderdrukken, besloot de Turkse regering om psychische druk uit te oefenen. Bewoners werden zo gedwongen om naar dorpen te verhuizen waar zij niet gemakkelijk in contact konden komen met de leden van de PKK. In sommige gevallen werden dorpelingen zelfs voor de keuze gesteld waarin zij moesten kiezen tussen het steunen van een pro-Turkse aanpak van de PKK en het steunen van de PKK. In het laatste geval moesten de bewoners noodgedwongen hun huizen en leefomgeving verlaten. Ook kwam het weleens voor dat militairen opdrachten gaven om de dorpen te verlaten, waarna zij alles in brand staken. Hierdoor raakten duizenden dorpen in Noord- Koerdistan onbewoonbaar en werden de bewoners gedwongen om zich in een andere regio te vestigen.

Populatiebewegingen in de regio

De Turkse campagne tegen de Koerdische nationalisten veroorzaakte, samen met de Turkse staatsgreep in 1980, een grote stroom Koerdische migranten naar de omliggende buurlanden. Oost- Koerdistan werd als het meest uitnodigende buurland gezien, ondanks het feit dat ook in Iran een militaire strijd werd gevoerd tegen de Koerdische beweging. De vluchtelingen uit Turkije woonden in Oost- Koerdische dorpen of in guerrillakampen. Dit viel de Iraanse regering op, waardoor ook zij een campagne begonnen. Hierdoor werden de vluchtelingen, samen met de Koerdische guerrilla’s, in de periode 1982-1983 teruggedwongen naar een smal gebied net bij- en over de grens. Deze groep Koerden bouwden diverse basissen in Zuid-Koerdistan, waar niet alleen guerrilla’s maar ook politieke vluchtelingen samen met hun familie, zich konden vestigen. Veel bewoners uit Noord- Koerdistan, die ervan uit gingen zich in het oosten te kunnen vestigen, moesten uiteindelijk naar Zuid-Koerdistan, waarna zij verder zijn vertrokken naar Europa. Zo zijn veel van deze Koerden geëindigd als politieke vluchtelingen in Europese landen. Dit geldt overigens ook voor de Koerden in Zuid-Koerdistan die getroffen zijn door de Anfal-campagne. Ook de Golfoorlog en het militair offensief tegen de Koerden veroorzaakte een grote stroom vluchtelingen. Het ging nu niet om duizenden, maar om honderdduizenden Koerden die in grote paniek hun leefomgeving verlieten. Westerse en Amerikaanse media waren geschokt door de omstandigheden waarin de Koerden zich verkeerden en stelden daarom hun grenzen open als hulp.


Koerden in West-Europa

In de jaren ’60 nam de economie van (west) Europa flink toe, waardoor er een tekort ontstond aan arbeiders. Dit trok mensen uit Italië, Spanje, Griekenland, Marokko en Turkije, waaronder ook Koerden, aan. In de jaren ’70 kwamen steeds meer Koerden uit Noord- Koerdistan als arbeidsmigranten naar Europa. Zij zagen zichzelf echter als Turken in plaats van Koerden of Alevieten. Velen van hen waren namelijk in Turkije zodanig geassimileerd, dat zij zichzelf als een Turk gingen beschouwen. Het waren vooral de gestudeerden die gingen nadenken over hun Koerdische identiteit. Door de intensieve oorlog tegen de PKK en de berichtgeving hierover zijn de tweede generatie Koerden zich veel beter bewust van hun identiteit. Veel van hun ouders (eerste generatie) zijn teruggegaan naar Noord- Koerdistan door de invloed van hun kinderen.

Onder de landen in Europa waar veel Koerden zich hebben gevestigd valt Zweden op. Dit land kent namelijk een lage aantal Turkse arbeiders, maar een hoge concentratie Koerdische vluchtelingen. Dit zijn vooral schrijvers, journalisten en andere intellectuelen. Dit, omdat Zweden veel mogelijkheden biedt om in hun moedertaal te schrijven, te studeren en te publiceren. De Koerden in Duitsland hebben zich voornamelijk geconcentreerd op de PKK. Veel jongeren wijden hun leven aan de Koerdische kwestie en zijn bereid om daarvoor in de partij te treden.

Conclusie

De populatiebewegingen in de jaren ’80 en ’90 waren zowel vrijwillig als onvrijwillig. Het heeft echter wel de Koerdische samenleving en de Koerdische kwestie compleet veranderd. Veel van de Koerdische culturele en politieke activiteiten vinden niet in Koerdistan plaats, maar daarbuiten. De Koerdische grond wordt als het ware aangevuld met een Koerdistan vanuit het buitenland en via internet.

De Europese diaspora, samen met de grote omvang van Koerdische arbeiders, heeft een belangrijke rol gespeeld in de renaissance van de Koerdische taal en cultuur. De diaspora is van cruciaal belang voor de Koerdische politieke partijen, met name de PKK. Hierdoor namen zowel de financiële als de humane middelen toe voor deze partij, waardoor zij beter bereid waren om hun leden te onderwijzen en diverse middelen in te zetten als communicatie met de overheden.

De Koerdische kwestie gaat niet meer over een stuk land, dat nu tot de landen Turkije, Irak, Iran en Syrië behoort. Tegenwoordig is het ook een Europees probleem, waarin Europa een belangrijke plaats inneemt voor het vinden van een oplossing. Dit betekent niet dat de legale status van Koerdistan irrelevant is, maar het symbool van de Koerdische identiteit zal van belang blijven voor de Koerdische diaspora, net zoals Israel van belang is voor de Joodse diaspora.

Turkse autoriteiten verwachten dat de massale migratie vanuit Koerdistan uiteindelijk zal leiden naar assimilatie van de Koerden en de verdwijning van de Koerdische kwestie. De bedoeling van dit artikel is om aan te tonen dat het proces van deze massale migratie te maken heeft met het feit dat de Koerdische eigenheid, eveneens als de identiteiten van kleinere etnische groepen, onder de Koerden zijn gestimuleerd.


Dit artikel is een beknopte vertaling van een artikel van Martin van Bruinessen.
Door: Dashne Moulood.
Bron:
The Kurds in movement: migrations, mobilisations, communications and the globalisation of the Kurdish question, Working Paper no. 14, Islamic Area Studies Project, Tokyo, Japan, 1999. 20 pp.

Lees meer van
Be Sociable, Share!

Korte URL: http://azady.nl/?p=687

Geplaatst door op 14 Aug 2009. Gearchiveerd onder Geschiedenis. Je kan reageren of trackbacken RSS 2.0. You can leave a response or trackback to this entry

You must be logged in to post a comment Log in

Advertentie

Inloggen | Designed by Gabfire themes