Qalat in Hawler krijgt grote beurt (Mand Khidir)

Vorige maand bezocht Amerikaanse senator John McCain, tijdens zijn bezoek aan Zuid-Koerdistan de Qalat in Hawler. Toevallig was ik op diezelfde dag onderweg naar de Qalat. Om half twaalf liep ik echter teleurgesteld weg van de afgezette poort, mijzelf op dat moment afvragend waarom en welke “speciale delegatie” er nou midden op de dag in deze hitte de Qalat wil bezoeken?

Die vraag is eigenlijk makkelijk te beantwoorden: Waarom niet? Het is ten slotte de trots van Hawler, heeft een geschiedenis van meer dan 8000 jaar, is de oudste continu bewoonde nederzetting in de geschiedenis, heeft een oppervlakte van tien hectare op dertig meter boven grondniveau en heeft het leger van Hulagu Khan, die Bagdad verwoeste en een eind maakte aan de kalifaat van de Abbasiden, kunnen trotseren en overleven.[1][2] De vraag die nu rest is: Hoe is het gesteld met deze belangrijke monument?


Koerdistan’s toeristische centrum


De Qalat lijdt al decennialang aan de gevolgen van verwaarlozing en erosie. Sinds de jaren ‘50 van de vorige eeuw is de demografie van de Qalat in beweging, de rijken bouwden huizen buiten de Qalat en armen trokken in de Qalat. Vanaf de jaren ’90 tot aan heden hebben alleen nog maar vluchtelingen en de allerarmsten in de Qalat gewoond. Deze nieuwe bewoners trokken nieuwe waterleidingen zonder de riolering op orde te krijgen en pasten gebouwen aan zonder rekening te houden met de historische waarde. Het gevolg hiervan was dat er per dag 750 000 liter water de grond in sijpelde, wat niet alleen de begraven schatten aantastte, maar ook erosie aan de hellingen veroorzaakte.[3]

In 2004 werd een driedaags conferentie gehouden in Hawler waarin besloten werd van de Qalat een archeologisch en toeristisch centrum te maken met musea, restaurants en hotels. In 2006 kon de situatie zo niet langer doorgaan en werden de bewoners na compensatie uit de Qalat gezet, op een familie na om de continue bewoning te waarborgen.[3]Ook werd de HCECR, High Commission for Erbil Citadel Revitalization, opgezet om in samenwerking met UNESCO zorg te dragen voor de toekomst van de Qalat. Er werden twee musea opgezet en de HCECR kondigde algemene plannen voor de Qalat aan.


De verlaten straten van de Qalat

Beperkte toegang

Na mijn eerste poging, zou ik natuurlijk nog een keer proberen om de Qalat te bezoeken. Deze keer mocht ik er in, maar ik kwam er ietwat teleurgesteld uit. Van de twee musea was er een gericht op Koerdische geschiedenis en die van de Qalat en hier had ik mij vooral op verheugd. Deze museum was echter in 2008 helaas afgebrand en er was nog niks voor in de plaats teruggekomen. De andere is gericht op Koerdische weefpatronen en klederdracht en vormt de enige bezienswaardigheid op de Qalat waartoe bezoekers toegang hebben. Je mag namelijk in de Qalat niet afwijken van de enige geasfalteerde weg, wat de diameter is van poort naar poort, in verband met het instortingsgevaar van de gebouwen en de reptielen die daar leven. Op deze centrale weg kun je wat zien van de steegjes, maar de architectonische hoogstandjes in de grotere gebouwen loop je mis. Momenteel zijn er ook geen gidsen die je kunnen begeleiden en bezoekers wat over de Qalat kunnen vertellen.


Kanan Mufti: “Uitzetten van de bewoners grote stap in juiste richting”

Na mijn bezoek zat ik met een boel onbeantwoorde vragen over de huidige situatie en de toekomst van de Qalat. Hiervoor nam ik een interview af met Kanan Mufti, jarenlang algemeen directeur voor archeologie geweest en momenteel verantwoordelijk voor immateriële erfgoed bij de Ministerie van Cultuur in Hawler.

Interview met Kanan Mufti (rechts), Foto: Azady.nl

Volgens Kanan Mufti was het uitzetten van de bewoners en daarmee droogleggen van de Qalat een grote stap in de juiste richting. Niet alleen wordt verder verval en aantasting van de gebouwen voorkomen, maar wordt ook erosie geremd. Water is de sterkste en tevens zwakste punt van de Qalat. Het leeft de bevolking millennialang doen overleven, maar is ook een sterke factor voor erosie. Eeuwenlang is in Hawler de trend geweest om met bakstenen te bouwen en in tegenstelling tot stenen gaan bakstenen maximaal 150 a 200 jaar mee. Bakstenen nemen vocht op en zijn daarmee gevoelig voor erosie. Daarnaast is in de regio van Hawler de regen zuur, wat bijdraagt aan de erosie. Niet alleen de gebouwen, maar ook de hellingen hebben te lijden onder erosie. “Momenteel loopt er een studie in samenwerking met de Ministerie van Landbouw om te beslissen wat voor beplanting het meest succesvol zou zijn op de hellingen, dit zou een einde maken aan wegwaaiend stof. Aan de andere kant zijn er meningen om de hellingen te bedekken met stenen, omdat watergebruik nadelig zou zijn voor begraven schatten,” aldus Mufti. Zijn persoonlijke voorkeur gaat uit naar vervanging van de hellinggrond, wat in principe bestaat uit afval door de jaren heen, door vruchtbare grond en beplanting zodat er geen last zal zijn van stof.

In 2007 is met behulp van een sonar vastgesteld tot hoe diep de resten van beschaving gaan in de tell [4] onder de Qalat. Dat leverde onmisbare informatie op voor de toekomstige inrichting van de Qalat.

Grootse plannen, maar voorlopig nog niet veel verandering

Momenteel worden de gebouwen in drie categorieën verdeeld op basis van kwaliteit. Daarna zal in samenwerking met het Ministerie van Toerisme besloten moeten worden welke gebouwen voor welke doeleinden zo veel mogelijk in originele stijl hersteld moeten worden. Hierbij zal gebruik gemaakt worden van oude foto’s en verslagen van originele bewoners. Ook moet ruimte gereserveerd worden voor ongeveer 125 families om de continuïteit van bewoning te waarborgen. Hierbij zal voorrang gegeven worden aan diegenen die zullen gaan werken op de Qalat.

Zo’n 2000 m2 zal gereserveerd worden voor opgravingen. “In principe zou men vijf jaar moeten wachten voordat de Qalat droog genoeg is voor opgravingen, maar men kan alvast een begin maken, omdat het proces heel langzaam zou gaan en er jaren nodig zou zijn voor de eerste meters,” verklaarde Kanan Mufti.

Over de samenwerking van UNESCO en HCECR zei de heer Mufti het volgende: “Tot nu toe heeft UNESCO deskundigen gestuurd en samengewerkt met HCECR, maar alle activiteiten zijn gefinancierd door de KRG”. De HCECR heeft meerdere bedrijven uit Groot-Brittannië, Tsjechië en Libanon gevraagd om een masterplan aan te dragen. Tot die tijd zal waarschijnlijk weinig gedaan worden op de Qalat zelf. In tegenstelling tot dit wordt er rond de Qalat gewerkt aan het beter zichtbaar maken van de Qalat. Zo heeft de Sheghala bazaar plaats moeten maken voor meerdere fonteinen tussen de Qalat en de Nishtiman bazaar.

Uitzicht vanuit de Qalat op de Nishtiman Bazaar.

Tot slot vroeg ik hem over het afgebrande museum. Mufti vertelde: “Helaas brandde het museum af, hierbij verloren wij niet alleen negentig procent van de inhoud maar ook het pand grotendeels. Op het moment zijn er geen plannen om op korte termijn deze museum weer op te bouwen of te vervangen door iets anders.”

Bronnen:
[1] ErbilCitadel.org, bezocht op 27-08-09.
[2] Henry H. Howorth, ‘The Mongols of Persia’,bezocht op 02-09-2009.
[3] Citadel rescue plan offers hope in Iraq
[4] Een tell of tall (Arabisch) is een kunstmatige heuvel waarvan er vele voorkomen in het Midden-Oosten. De heuvels zijn ontstaan door eeuwen van menselijke bebouwing, waarna op het puin van oude gebouwen weer nieuwe werden gebouwd.

Mand Khidir
Lees meer van Mand Khidir
Be Sociable, Share!

Korte URL: http://azady.nl/?p=696

Geplaatst door op 23 Sep 2009. Gearchiveerd onder Geschiedenis. Je kan reageren of trackbacken RSS 2.0. You can leave a response or trackback to this entry

You must be logged in to post a comment Log in

Advertentie

Inloggen | Designed by Gabfire themes