Nationalisme: onder Koerden niet altijd even populair


Aan het begin van mijn veldwerkperiode waarin ik mensen uitlegde dat ik wilde onderzoeken hoe het met transnationalistische oriëntaties onder Koerden in Nederland zat, stuitte ik menigmaal op huiverige reacties. Zo hoorde ik ondermeer: ‘Zeg dat maar niet tegen iedereen als je iets wil bereiken, het woord nationalisme is onder Koerden niet altijd even populair.’ En: ‘Nationalisme? Dat heeft een negatieve klank. Ik denk dat je patriottisme bedoelt.’ Niet alleen in Koerdische kringen heeft nationalisme vaak een negatieve connotatie. Nationalisme is door de jaren heen een begrip geworden dat vaak geassocieerd wordt met ‘eigen volk eerst’, zo beaamde ook één van mijn studiegenoten. Dat nationalisme een containerbegrip is geworden, waar veelal concepten als fascisme, terrorisme, en fanatisme aan verbonden worden, is niet alleen zonde, maar ook misleidend.

Om aan te geven dat nationalisme niet één enkele betekenis heeft, zal ik aan de hand van ideeën van Zwaan (1996) drie verschillende vormen van nationalisme bespreken: nationalisme als sentiment, nationalisme als ideologie en nationalisme als politieke beweging. Deze drie vormen zijn allen, in meer of mindere mate, terug te zien binnen de Koerdische diaspora in Nederland.

Drie vormen van nationalisme

Nationalisme als sentiment is gebaseerd op een gevoel van loyaliteit en binding met de natie. Een natie kan het best omschreven worden als een verbeelde politieke gemeenschap. Mensen wonen samen in een begrensd gebied, en delen gevoelens van saamhorigheid, terwijl ze in wezen het grootste gedeelte van de mensen binnen deze natie niet eens kennen (Anderson 1991 [1983]: 6). Nationalisme als ideologie is de aanname dat de natie autonoom is en een organisch geheel. Nationalisme als politieke beweging ontstaat wanneer nationalisme als sentiment en ideologie samenkomen en er een ‘wij’ groep tegenover een ‘zij’ groep gecreëerd wordt. Op dit moment ontstaat ook nationalisme als ressentiment. Zo gauw er een gevoel van ‘er bij horen’ ontstaat, ontstaat er ook een gevoel van ‘er niet bij horen’, wat kan resulteren in haat tegen de ‘zij’ groep (Zwaan 1996: 69-85).


Nationalisme als sentiment

Veel Koerden hebben van huis uit een andere opvoeding meegekregen dan de ‘Nederlandse’ opvoeding, waardoor zij een biculturele identificatie hebben ontwikkeld. Binnenshuis gelden andere regels dan buitenshuis. Zo stelt ook de 21-jarige Fekar:

“Het zijn van die bepaalde dingen, die kleine dingen, die je vormen als het ware en die je een kant op trekken. Ik zie er sowieso anders uit, een aantal uiterlijke kenmerken zeg maar. Ik heb een andere naam, als ik de deur uitga spreek ik een andere taal. Daarom, ik ben erachter gekomen voor mezelf dat het niet uitmaakt waar je woont of waar je leeft, maar de identiteit die je van huis uit meekrijgt, dat dat het belangrijkste is (Fekar 17-02-2009).”

De Koerdische identificatie wordt door velen gezien als meest oorspronkelijk omdat men zo geboren is: ouders komen uit ‘Koerdistan’ en velen van hen zijn er zelf geboren. Deze etnische identificatie wordt gezien als voornaamste manier van identificeren met elkaar en ‘de ander’. Het is de basis van een veronderstelde gedeelde identificatie, waarop ‘wij’ gevoelens worden gebaseerd. Het gevolg van deze primordiale identificatie kan leiden tot nationalisme als sentiment, wat gebaseerd is op een gevoel van loyaliteit en binding met de natie, en aan het begin kan staan van nationalisme als ideologie en politieke beweging. Men gaat er van uit dat men bij elkaar hoort, door het delen van dezelfde afkomst en verondersteld verwantschap. Dit leidt tot gevoelens van saamhorigheid en eenstemmigheid van waaruit constructies worden gecreëerd om de etnische identificatie kracht bij te zetten.


Nationalisme als ideologie

Zo zijn aan deze primordiale identificatie een aantal kenmerken gekoppeld, die deze identificatie afbakenen binnen de Nederlandse context. Zo is ten eerste taal een belangrijke marker, omdat dit verschillende volkeren van elkaar onderscheidt en dus de eigenheid van Koerden illustreert. Dat de Koerdische taal jarenlang is onderdrukt in de landen van herkomst geeft velen een extra stimulans om deze levend te houden. Ten tweede is, met name voor de tweede generatie, partnerkeuze van groot belang. Vrijwel iedereen die ik spreek, een enkeling daargelaten, zegt naar een Koerdische partner te verlangen omdat men ervan uit gaat dat deze beter bij hem/haar past. Hij/zij behoort tot dezelfde groep en wordt verondersteld dezelfde geschiedenis te hebben en dezelfde gedragscodes te kennen. Deze gedragscodes zijn vooral in Nederland van essentieel belang omdat het Nederlanders en Koerden kenmerkt. Het kennen van dezelfde codes bakent een groep af ten opzichte van een andere groep, wat als gevolg heeft dat er meer verbondenheid ontstaat binnen een groep. Het geeft ook een gevoel van veiligheid en zekerheid omdat men binnen deze groep weet wat er van haar/hem verwacht wordt. Daarbij komt ook dat een Koerdisch koppel, Koerdische kinderen krijgt, die, zoals is uit mijn onderzoek gebleken, wellicht opgevoed zullen worden met ondermeer de Koerdische taal, en wellicht de Koerdische strijd kunnen voortzetten. Het idee van een autonome, organische Koerdische natie blijft hiermee in tact, wat wijst op nationalisme als ideologie.

Al deze manieren van identificeren met elkaar en met het voormalige thuisland, worden in de diaspora ge(re)produceerd. De primordiale identificatie met afkomst krijgt via sociale constructies meer betekenis. Zo zijn er Koerdische verenigingen, zoals KSVN (Koerdische Studentenvereniging Nederland) waar men naar Koerdische feesten en lezingen kan gaan, en Fed Kom, waar Koerdische taal- en danslessen worden aangeboden. Daarnaast zijn er de virtuele netwerken op internet, zoals Hyves, Azady.nl, en Rudaw.nl, waar Koerden samen kunnen komen en via woord en beeld in contact kunnen blijven met ‘landgenoten’ en het land van herkomst.

Nationalisme als politieke beweging

Daarnaast zijn er nog de Koerdische vieringen in de diaspora, die hier in vrijheid kunnen plaatsvinden, in tegenstelling tot de landen van herkomst, waar Koerden tot op de dag van vandaag worden onderdrukt. Deze festiviteiten, zoals de Newroz traditie, danken hun legitimatie aan hun lange bestaansgeschiedenis, maar de inhoud van deze viering is aan verandering onderhevig, afhankelijk van tijd en context. Zo wordt Newroz als typische Koerdische feestdag gevierd, terwijl het feest bekendheid geniet in het gehele Midden-Oosten. Hiermee wordt opnieuw eigenheid afgebakend. Als reactie op de Koerdische onderdrukking is Newroz van een lentefeest steeds meer een politiek verzetsfeest geworden, wat met name in de diaspora op deze manier gevierd kan worden. Tradities en feesten zoals Newroz moeten meer saamhorigheid brengen onder Koerden, door vanuit het primordiale gegeven van afkomst, politieke eisen te construeren. Daarbij kan het nieuwe impulsen geven aan het Koerdische conflict in de voormalige thuislanden, door de Koerdische situatie op de Nederlandse politieke agenda te zetten. Hier steekt nationalisme als politieke beweging de kop op. Nationalisme als sentiment en ideologie zijn samengekomen, en er wordt één Koerdische groep gecreëerd tegenover ‘de onderdrukkers’: Syrië, Iran, Irak, en vooral Turkije. Het hieraan gekoppelde nationalisme als ressentiment komt duidelijk naar voren in deze indeling van ‘wij’, de Koerden, tegenover ‘zij’, de onderdrukkers. Zo is ook te lezen in een flyer die Fedkom uitdeelt bij een Newroz viering op het Leidseplein in Amsterdam: ‘Voor de Koerden betekent Newroz een dag van verzet tegen onderdrukking en dominantie, een dag van vrede en vreugde. Toch moeten we ook dit jaar weer vaststellen dat de onderdrukking van de Turkse staat geen einde neemt.’

Tot slot

Ik zeg niet dat alle Koerden in Nederland in te delen zijn binnen deze drie vormen van nationalisme, en dat enkel deze drie vormen bestaan. Ik probeer enkel te laten zien dat nationalisme verschillende varianten kent en niet per definitie negatief hoeft te worden uitgelegd. Koerden onderscheiden zich in Nederland, waar de dominante groep andere gebruiken heeft. Men houdt vast aan zaken die voor hen bekend en vertrouwd zijn. Doen Nederlanders in het buitenland niet hetzelfde? Vieren wij niet ook Koninginnedag op de Nederlandse ambassade met ‘mede-Nederlanders’? En gaan wij niet ook op zoek naar wat vertrouwd is binnen vreemde, nieuwe structuren? Waarom nemen we anders pindakaas en hagelslag mee naar het buitenland?

Een nationalistisch sentiment dat zich vertaald in een ideologie, welke kan leiden tot een politieke beweging, is, in dit geval, de uitkomst van een jarenlange onderdrukking van een groep, een groep die zich in Nederland wil manifesteren, en (voor een deel) wil onderscheiden.

Machteld Pallandt heeft in oktober 2009 de opleiding Culturele Antropologie en Sociologie der Niet-westerse Samenlevingen aan de Universiteit van Amsterdam afgerond. Tijdens deze opleiding heeft zij vijf maanden aan de Bogazici Universiteit in Istanbul, Turkije, gestudeerd. “Gedurende deze periode is mijn interesse in het Koerdische vraagstuk gewekt. Voor mijn afstudeeronderzoek heb ik mij dan ook op Koerden gericht, weliswaar in Nederland.” In dit onderzoek diende de volgende vraag als leidraad: “Hoe en waarom ontstaan transnationalistische oriëntaties in de Koerdische diaspora in Nederland?” Al eerder schreef zij een aan dit onderwerp gerelateerde artikel voor Azady.

Bronnen:
[1] B. Anderson, Imagined Communities, 1991 [1983], Londen.
[2] T. Zwaan, Nationalisme als sentiment en ressentiment, 1996, In Het nut van Nederland; opstellen over soevereiniteit en identiteit. K. Koch & P. Scheffer (red). P. 69-85, Amsterdam.

Lees meer van
Be Sociable, Share!

Korte URL: http://azady.nl/?p=732

Geplaatst door op 21 Feb 2010. Gearchiveerd onder Cultuur. Je kan reageren of trackbacken RSS 2.0. You can leave a response or trackback to this entry

You must be logged in to post a comment Log in

Advertentie

Inloggen | Designed by Gabfire themes